Je doorgewinterde wagen
Na een heerlijke zomer en een droog najaar krijgen we mogelijk een barre winter. Dat wordt even wennen, ook in het verkeer. Tijd om eens de banden van je auto te controleren. En hoe zit het met winterbanden en sneeuwkettingen, heb je die echt nodig?
De tekening van de hoofdgroeven in het loopvlak van de banden moet wettelijk ten minste 1,6 mm diep zijn over drie vierden van het loopvlak, maar dat is een absoluut minimum. Wie veilig de winter door wil, zorgt er beter voor dat de uitsnijding in het loopvlak nog minstens 3 millimeter bedraagt. Als het loopvlak ongelijkmatig is afgesleten, dan is het goed daarvan de oorzaak te kennen. Als het loopvlak vooral in het midden is afgesleten, wijst dat op een te hoge bandendruk. Zijn de twee buitenzijden afgesleten, dan is de oorzaak een te lage bandendruk. Is er één kant van het loopvlak meer afgesleten dan het andere, dan kan dat betekenen dat de wieluitlijning niet correct is. Ook versleten schokdempers kunnen ongelijkmatige bandenslijtage veroorzaken. Die ongelijkmatige slijtage kan trillingen veroorzaken en extra rijgeluiden teweegbrengen. Controleer ook of de flanken van de banden niet beschadigd zijn. Dergelijke schade ontstaat meestal tijdens het parkeren.
Winterbanden, ook nu al!
Winterbanden bewijzen hun nut al vanaf oktober en blijven dat doen tot de maartse buien en aprilse grillen zijn overgewaaid. Ze onderscheiden zich in de eerste plaats door hun rubbersamenstelling. Het loopvlak blijft veel soepeler bij koude temperaturen, waardoor je zelfs bij koud en droog weer een betere grip op de weg hebt. Bij zomerbanden wordt het rubber vanaf 7 graden Celsius aanzienlijk harder, wat een minder vast rijgedrag als gevolg heeft.
Winterbanden hebben uiteraard ook een ander loopvlak, met brede, overlangse groeven en ruim bemeten diagonaalgroeven. Het loopvlak wordt tevens gekenmerkt door een stevig blokprofiel. In die blokken zitten kleine, dunne nerven, die een soort zuigeffect teweegbrengen. Winterbanden hebben de kwalijke reputatie meer rij- en rolgeluiden te produceren. Bij de recentste types is die tekortkoming grotendeels weggewerkt. De blokken in de tekening hebben een ongelijkmatige grootte, waardoor het dreun- en cadanseffect verdwijnt.
De specifieke tekeningen in het loopvlak zorgen voor een betere waterafvoer bij regen- en dooiweer. Het stevige blokprofiel geeft een meer overtuigende grip in de sneeuw. Dat betekent niet enkel een veiligere wegligging, maar ook kortere remafstanden.
Wie met wintervakantie gaat, zal een stel winterbanden des te meer weten te appreciëren. Je moet minder gauw sneeuwkettingen opleggen om je bestemming te bereiken. Al blijft het wel zo dat plaatselijke autoriteiten het gebruik van kettingen kunnen verplichten.
Sneeuwkettingen verplicht
Voor wie deze winter van plan is om met de auto naar een skioord te trekken, zijn sneeuwkettingen een absolute must. In de handel zijn verschillende andere hulpmiddelen verkrijgbaar om de tractie van de auto te bevorderen, maar uiteindelijk ben je nog altijd het best af met sneeuwkettingen, al was het maar omdat ze overal worden aanvaard. Sneeuwkettingen zijn verplicht op plaatsen waar een verkeersbord dat aangeeft. Wie een auto met vierwielaandrijving heeft, ontkomt niet aan die verplichting, tenzij het er uitdrukkelijk bij staat.
Stel je voor: het is tien uur ’s avonds en je bent net aangekomen aan de voet van een of andere Col, om te moeten vaststellen dat je niet verder mag zonder sneeuwkettingen. Die heb je gelukkig mee en ze steken zelfs nog in de verpakking. Maar het wordt laat, het is koud, iedereen is moe en de parking is slecht verlicht…Geef toe, niet echt de ideale situatie om voor het eerst sneeuwkettingen te monteren. Een echt moeilijke klus is het niet, maar toch is het beter om het op voorhand thuis eens te proberen en desnoods een demonstratie te vragen aan een specialist. Het plaatsen en verwijderen van sneeuwkettingen kan, afhankelijk van het type, in geringe mate verschillen. Vooral de manier waarop de ketting wordt aangespannen, kan wel eens anders zijn.
Het is voldoende om één paar sneeuwkettingen te monteren. Je plaatst ze op de aangedreven wielen. Het is dus nodig dat je weet of je auto een voorwielaandrijver of een achterwielaandrijver is. Ook bij auto’s met vierwielaandrijving volstaat één paar. Om te weten of je de kettingen vooraan of achteraan moet monteren, raadpleeg je het best het instructieboekje of vraag je het aan je merkverdeler. Bij sommige 4x4’s kan de integrale aandrijving worden uitgeschakeld en krijgen dan enkel de achterwielen kracht van de motor toebedeeld. Bij andere 4x4’s gebeurt de aandrijving in de eerste plaats via de voorwielen en worden de achterwielen pas ingeschakeld in moeilijke rijomstandigheden.
Controleer je banden!
- De tekening van de hoofdgroeven in het loopvlak van de banden moet wettelijk ten minste 1,6 mm diep zijn over drie vierden van het loopvlak, maar dat is een absoluut minimum. Wie veilig de winter door wil, zorgt er beter voor dat de uitsnijding in het loopvlak nog minstens 3 mm bedraagt.
- Als het loopvlak ongelijkmatig is afgesleten, dan is het goed daarvan de oorzaak te kennen. Als het loopvlak vooral in het midden is afgesleten, wijst dat op een te hoge bandendruk. Zijn de twee buitenzijden afgesleten, dan is de oorzaak een te lage bandendruk. Is er één kant van het loopvlak meer afgesleten dan het andere, dan kan dat betekenen dat de wieluitlijning niet correct is.
- Ook versleten schokdempers kunnen ongelijkmatige bandenslijtage veroorzaken. Die ongelijkmatige slijtage kan trillingen veroorzaken en extra rijgeluiden teweegbrengen.
- Controleer ook of de flanken van de banden niet beschadigd zijn. Dergelijke schade ontstaat meestal tijdens het parkeren.
DOOR TONY DE MESEL
FOTO DAVID NOELS