Home Info en Tips Slijtage

Slijtage banden: Wanneer zijn je banden nog goed?

Sommige gevaren op de weg kan je moeilijk vermijden: kuilen, glas, stenen, … Maar de belangrijkste oorzaken van bandenproblemen, die heb je zelf in de hand.

Slijtage banden

Vermijd op elk moment de verkeerde bandenspanning, te snel rijden en overbelasting. Zo rijd je niet alleen veiliger, je banden zullen ook langer meegaan.

Vermijd een te lage of te hoge bandenspanning

Rij nooit met banden die niet hard genoeg zijn opgepompt, of net te hard zijn opgepompt. Dat is niet goed voor de levensduur van de banden, het rijcomfort, de tractie en de remkracht. Te lage bandenspanning resulteert in oververhitting, toename van de rolweerstand en voortijdige slijtage of zelfs schade aan de band. Ook een te hoge bandenspanning verlaagt de levensduur en vermindert de grip.

Vermijd te snel rijden:

Bij contact met een gevaar op de weg, heb je meer kans op beschadiging dan bij lage snelheid. Als je snel rijdt, bouwt de band bovendien te veel hitte op. Dat kan leiden tot beschadiging of zelfs in een plotse breuk van de band en snel luchtverlies. Daardoor kan je de controle over het stuur verliezen, met ongevallen tot gevolg. Merk je dat een band of wiel beschadigd is? Laat dit dan meteen nazien door een VAB-bandenspecialist.

Vermijd overbelasting:

Controleer zeker het maximum draagvermogen van je banden. Dit vind je terug op de zijwand van je band. Zorg dat je deze waarde niet overschrijdt. Want overbelaste banden kunnen oververhit geraken. Volg altijd de aanbevelingen van de bandenspecialist.

Slijtage banden: Hoe te controleren?

Het loopvlak is het enige deel van de band dat zorgt voor grip op de weg. Rij je met versleten banden? Dan verhoogt dit de kans op een lekke band en aquaplaning of gevaarlijke situaties in de winter. Controleer dus regelmatig de slijtage van je banden:

  1. Zorg voor een duidelijk zicht op het loopvlak
    • Plaats de wagen op een vlakke en regelmatige ondergrond en zet de handrem op.
    • Draai het stuur 45° naar rechts of naar links om een duidelijk zicht te krijgen op de band die je wil nakijken.
  2. Controleer het bandenprofiel
    • Check de profieldiepte en andere vormen van slijtage aan het oppervlak

Wat zijn de symptomen van slijtage?

  1. Profieldiepte
  2. Banden moeten een profieldiepte hebben van minstens 1,6 mm over hun hele omtrek en op het bandgedeelte dat drie vierde van de breedte van de band beslaat. Laat je zomerbanden vervangen als de profieldiepte 2 mm bedraagt en winterbanden als de profieldiepte minder dan 4 mm. 
    Alle banden zijn voorzien van slijtage-indicatoren: kleine rubberen blokjes in de hoofdgroeven met de letters TWI erbij (Tread Wear Indicator). Is het profiel tot op deze slijtage-indicator versleten? Dan is de wettelijke limiet bereikt en moet de band worden vervangen. 
    Bestuurders die rijden met banden die minder profieldiepte hebben dan de wettelijke limiet, spelen met hun veiligheid, die van hun passagiers en andere weggebruikers. Bovendien riskeer je in dat geval ook een boete.

  3. Afwijkende slijtagepatronen
    • Slijtage in het midden van het loopvlak – ‘holle slijtage’
    • Wordt veroorzaakt door te rijden met te hoge bandenspanning. Corrigeer in dat geval de bandenspanning. De band mag verder worden gebruikt als hij voldoet aan de wettelijke vereisten.
    • Slijtage op de schouders van het loopvlak – ‘ronde slijtage’
    • Wordt veroorzaakt door te rijden met te lage bandenspanning. Corrigeer in dat geval de bandenspanning. De band mag verder worden gebruikt als hij voldoet aan de wettelijke vereisten. 
    • Sporingslijtage
    • De band is toenemend schuin afgesleten over de hele breedte van het loopvlak. De ene kant is ruw, de andere glad. Laat in dat geval de wielen uitlijnen. De band mag verder worden gebruikt als hij voldoet aan de wettelijke vereisten.
    • Slijtage in facetvorm
    • De band is afgesleten in golven, velden, facetten, … Wordt meestal vastgesteld op de achterbanden. Het gevolg van een combinatie van verschillende factoren, zoals een onjuiste afstelling van de achteras en gebreken aan de ophanging. Laat in dat geval de geometrie en de ophangingsdelen van het voertuig controleren. De band mag verder worden gebruikt als hij voldoet aan de wettelijke vereisten en geen trillingen veroorzaakt.
    • Ouderdom en scheuren
    • Rubber wordt stug na verloop van tijd en banden worden ook droger, met als gevolg kleine scheurtjes in de zijkant van de band die een klapband kunnen veroorzaken. Daarom moet een band tijdig worden vervangen, max na 5 jaar (bij zonnige en warme weersomstandigheden is de levensduur vaak korter). De leeftijd van de band kan worden gecontroleerd aan de hand van de DOT-code op de flank van de band. De eerste 2 getallen staan voor de week waarin de band is geproduceerd, de laatste 2 getallen geven het jaar aan waarin de band is geproduceerd. Voorbeeld: 5107 staat op een band die in de 51e week van 2007 is geproduceerd.
    • Vervormingen
    • De band vertoont plaatselijke opzwellingen, uitstulpingen met of zonder sporen van een schok zoals krassen of insnijdingen. Dergelijke vervormingen zijn het gevolg van een breuk in de karkaslaag veroorzaakt door ofwel het raken van een obstakel zoals een stoeprand of een put in het wegdek ofwel knelling van de zijwand van de band tussen een obstakel en de velg. Een band met deze symptomen is onveilig en moet onmiddellijk vervangen worden. Controleer in dat geval ook de staat van de velg.

Oude banden? Wij vertellen je waar je ermee terecht kan.

Voor versleten banden heb je vandaag verschillende mogelijkheden. 
  • Op het verkooppunt
  • Als je nieuwe banden koopt bij je bandenspecialist, neemt hij je oude banden gratis terug. Voor elke nieuwe band die je koopt, mag je een oude afgeven. Uitzondering op de regel is de vervanging van zomerbanden voor winterbanden (en omgekeerd). Koop je geen nieuwe banden? Dan kan je één oude band gratis afgeven bij je bandenspecialist (maximum 4 banden per gezin).
  • In het containerpark
  • Ook geregistreerde containerparken aanvaarden afvalbanden, voor zover deze binnen de voorwaarden van het Recytyre-systeem vallen (maximum 4 banden per gezin).
    Let op: de bandentypes die containerparken kunnen aanvaarden zijn beperkt.

Wat is Recytyre?

De vzw Recytyre, het beheersorganisme voor afvalbanden in België, werd op 9 februari 1998 opgericht door de 6 belangrijkste bandenproducenten en invoerders samen met een aantal groeperingen vertegenwoordigd binnen Federauto.

Deze organisatie werd opgericht als antwoord op de aanvaardingsplicht voor afvalbanden, in overeenstemming met de milieubeleidsovereenkomsten. Meer info vind je op recytyre.be

Krijg VAB banden­advies

Krijg VAB banden­advies

Vul de vragen in

Of sluit dit bericht

Onze merken

Hulp nodig?

Stel je vraag of laat ons je terugbellen